Van nature ben ik geneigd te denken dat mensen die op een of andere manier gebruik maken van een stok, behept zijn met een lichamelijke handicap. Zo duidt een witte stok met rode strepen op blindheid of op zijn minst zo’n mate van slechtziendheid dat de dikst denkbare jampotbrillenglazen nog ontoereikend zouden zijn. Ook zijn er van die stokken met handvaten die altijd in paren voorkomen en een soort derde en vierde voet vormen voor wie kampt met een al dan niet langdurig defect aan de benenwagen. Drummers gebruiken stokjes omdat hun handen niet genoeg ontwikkeld zijn om de fijne kunst van het gitaar spelen in praktijk te kunnen brengen. En ik weet niet precies wat het is, maar er schuilt ongetwijfeld een motorisch mankement achter het verschijnsel dat er mensen zijn die wokken met stokken. Om nog maar te zwijgen over hockeysticks. (Bij voorbaat mijn excuses voor deze laatste zin, ik wil het met geen hockeyer aan de stok krijgen. Zo’n hockeybal gaat hier misschien wel minstens zo hard door de ruit heen als een doeltreffend geworpen baksteen.)
Alle gekheid op een stokje, waar het mij om gaat, is: Ik was het altijd roerend met mijzelf eens dat een stok een indicatie is voor een lichamelijk probleem. Tot ik afgelopen week in alle vroegte op het treinperron iets zag wat maakte dat ik de slaap nog een keer goed uit mijn ogen wreef - misschien zag ik het wel verkeerd. Misschien droomde ik nog en was het er niet echt. Misschien stond ik op het punt van mijn stokje te gaan en hallucineerde ik. Maar het was er echt. Op het perron aan de overkant stopte de trein - op zich nog niks wonderbaarlijks aan de hand, die trein stopt daar elk half uur. Men stapt uit, wat nog steeds niet echt verbazingwekkend is - hoewel menig arrogante binnenstadbosschenaar anders mag beweren, zijn er serieus mensen die vrijwillig in Rosmalen vertoeven. Let op, nou komt het: Zodra de trein weer vertrekt zie ik het. Met uiterst ongemakkelijke bewegingen schuift er iets over het perron. Een man met in elke hand een stok. Onder zijn voeten geen schoenen maar twee planken met gigantische wielen aan de uiteinden. Aan alle kanten wordt hij door voetgangers ingehaald terwijl hij moeizaam voortploegt, met de stokken probeert hij zich af te zetten zodat hij steeds een klein stukje verder rolt. Op slag krijg ik medelijden met de man. In mijn hoofd vormt zich al het plan voor een geldinzamelingsactie om deze man aan een fatsoenlijke rolstoel te helpen, want dit is toch geen doen zo. Hij moet zich ervan bewust zijn dat het geen gezicht is, die combinatie van rolschaatsen en langlaufen. Ik kijk hem nog een tijdje na. Vooral het stijle stukje naar beneden loopt niet op rolletjes voor hem. Bijna verliest hij zijn evenwicht. Zijn stokken houden hem staande. Zulk soort stokken komen me wel bekend voor. Ineens gaat er een lichtje branden. Misschien heeft die meneer helemaal geen lastige handicap…
Eenmaal weer thuis ‘s middags tik ik mijn bange vermoeden in op Google, hard hopend op geen enkel resultaat. Helaas, het bestaat. Nordic Skating. Het schijnt steeds populairder te worden. Dat kan toch niet zomaar? Laten we hier alsjeblieft een stokje voor steken. Nordic Skating. Lang heb ik gedacht dat stokken duiden op een ernstige lichamelijke handicap, maar dat is niet waar. Soms duiden stokken op een ernstige geestelijke handicap.
Stok
december 8th, 2008 · 3 Comments
Tags: Zonder rubriek


3 responses so far ↓
1 Wilma // Dec 8, 2008 at 19:48
En dan is er nog de variatie Nordic Wokken
2 Bas // Dec 9, 2008 at 17:41
Deze drummer kan ook briljant gitaarspelen, dus dit stukje kan weer de prullenbak in.
3 kitty // Dec 13, 2008 at 11:54
een boze drummer in je huis kan je meer hoofdpijn opleveren dan een baksteen door de raam, denk eraan. x
Leave a Comment